Blog

Stilte, graag!!

Mag ik je wat vragen? Hoe vaak is het stil om je heen? Dus zonder radio of tv op de achtergrond. Hoe vaak komt het voor dat je even niets doet, echt niets?

In het afgelopen jaar ben ik elk kwartaal een weekend naar een klooster geweest waar ik grote delen van de dag stil ben geweest. Een bijzondere ervaring die ik iedereen gun. Maar ik merk ook aan de reacties om mij heen dat niet iedereen de waarde van stilte ziet. Opmerkingen zoals, dat is toch zonde van je tijd, is dat niet saai of wat doe je dan de hele dag, hoor ik regelmatig. Ik ben daarom gaan lezen over de werking van stilte. Is het iets wat bij mij past en mijn persoonlijkheid of zou het voor iedereen goed zijn?

Bij het lezen over stilte kwam ik in eerste instantie vooral veel tegen over lawaai en de negatieve effecten hiervan. In 1859 schreef de Britse verpleegster en sociaal hervormer Florence Nightingale: ‘Onnodig lawaai is de meest wrede afwezigheid van zorg die een zieke of ongezonde persoon kan worden aangedaan. Ieder achteloos gekletter kan voor herstellende patiënten een bron zijn van alarm, onrust en verlies van slaap.” En het is steeds duidelijker geworden dat dit niet alleen voor zieke en ongezonde personen zo is, maar voor iedereen. Lawaai zorgt voor een continue verhoging van je stresshormoon Cortisol, verhoogt de bloeddruk, tast je slaap aan en vergroot de kans op oorsuizen en hartaandoeningen aanzienlijk. Volgens onderzoek van de Europese Unie tast het constante lawaai om ons heen, de gezondheid van 25% van de bevolking aan. Zo’n 16 miljoen mensen hebben bijvoorbeeld last van slaapproblemen, door constant geluid – overdag, niet eens ‘s nachts!

Op basis van deze kennis zou je snel de conclusie kunnen trekken dat stilte dus goed is omdat het niet zorgt voor dit verhoogde cortisolniveau. Dat we dus houden van stilte om wat het niet doet – het haalt ons niet uit onze slaap, het irriteert niet en doodt ook niet – maar wat doet het dan wel?

Toen Florence Nightingale lawaai aanviel als een ‘wrede afwezigheid van zorg’, hamerde ze er ook om het om te draaien: Stilte is deel van de zorg en net zo essentieel voor patiënten als medicatie en hygiëne. Het leek een vreemde opmerking, maar door onderzoekers langzamerhand bevestigd als waarheid.

Maar wat zijn dat de positieve effecten van stilte?

  1. Stilte brengt je brein tot rust

Uit neurologisch onderzoek van Bernardi in 2006 naar het effect van muziek en geluiden op ons brein, is iets wonderlijks gebleken. Terwijl de focus van de onderzoekers in eerste instantie op het effect van geluiden lag, verschoof deze naarmate het onderzoek vorderde naar het effect dat de afwezigheid van geluiden op het brein had. Bernardi schreef uiteindelijke zijn bekende paper ‘The Sound of Silence is Music to the Heart’. Hierin beschreef hij zijn ontdekking dat een stilte van slechts twee minuten ontspannender werkt dan een stukje relax-muziek.

  1. Stilte en stilstaan helpen je te verwerken wat je allemaal meemaakt in je drukke en volle leven, in plaats van eraan voorbij te razen.

Psycholoog en innovatief onderwijsdeskundige John Dewey claimt dat stilte-tijd ná een drukke periode of leerzame ervaring, net zo belangrijk is als de periode of leerervaring zelf. Je verwerkt je ervaringen, wat cruciaal is voor je brein om ze op een zinvolle manier te kunnen opslaan in het geheugen.

  1. Stilte maakt je creatiever

Andere studies hebben aangetoond dat de hersenen in een bepaalde toestand raken als je de tijd neemt om te mijmeren, zonder geluiden en andere prikkels van buitenaf. In het Engels noem je die toestand het ‘default mode network’, waarbij bepaalde hersengebieden actief worden. Daar word je creatief van, je kunt je ervaringen beter verwerken en alles lijkt zinvoller.

  1. Stilte bevordert aanmaak van hersencellen

Ook biologe Ime Kirste deed onderzoek naar de effecten van verschillende geluiden op het brein en ontdekte daardoor iets over stilte. Het bleek dat alhoewel alle geluiden korte termijn neurologische effecten hadden, geen enkele een blijvend effect had. Maar, je raad het al, stilte had dit wel degelijk. Het bleek dat twee uur stilte per dag zorgde voor aanmaak van hersencellen in de hippocampus, een gebied in je hersenen dat gerelateerd is aan geheugen en ook de zintuigen omvat.

Fysiek gezien zou het dus voor iedereen goed zijn om meer stilte in je leven te brengen. Hoe je die stilte ervaart en hoeveel behoefte je er aan hebt dat is iets anders. Wie weet als ik weer een weekendje klooster achter de rug heb dat ik de inspiratie en creativiteit vind om vanuit de meer psychologische kant te schrijven over stilte.

Zo en nu even twee minuten stil!

November 2016


Volle kracht vooruit… of toch niet?

De eerste maand van het nieuwe jaar is al weer voorbij. Het terugkijken is geweest en nu weer vooruitkijken, gericht op de toekomst!? Wat gaat er in 2016 allemaal veranderen op je werk? Welke mooie plannen heeft het bedrijf? Als we te maken krijgen met veranderingen gebeurt het nogal eens dat er vooral naar voren wordt gekeken, wat gaat het opleveren, wat wordt er allemaal beter. Toch wil ik ook het belang van stil staan bij wat geweest is benadrukken. Om vooruit te kunnen hebben we het namelijk nodig om ook stil te staan, te rouwen om het verlies wat je lijdt of hebt geleden door (organisatie)veranderingen. Het klinkt misschien een beetje raar en overdreven zwaar om het te hebben over verlies en rouw als het gaat om veranderingen in je werk of het verlies van een baan. Bij het woord rouw denken we in eerste instantie aan het overlijden van een dierbare. Toch kunnen we ook op andere gebieden verlies lijden.

Zo kun je te maken krijgen met een reorganisatie waardoor je afscheid moet nemen van collega’s, van projecten waar je aan gewerkt hebt, van een bepaalde manier van werken of van de veiligheid en/of zekerheid op je werk. Of, als je in het onderwijs werkt, komt het regelmatig voor dat er overgestapt wordt op een nieuwe methodiek, een nieuw lesprogramma of een nieuwe cursus. Als je werkzaam bent bij de overheid of bij een organisatie die sterk beïnvloed wordt door politieke ontwikkelingen krijg je ook regelmatig te maken met veranderingen. Als de politieke koers verandert, in ieder geval elke vier jaar, moet jij ook mee in die veranderingen en (voor een deel) achterlaten waar je de afgelopen jaren aan hebt gewerkt. Op die momenten wordt het oude achtergelaten en moet je gedwongen afscheid van nemen van iets waar je misschien wel jaren in hebt geïnvesteerd.

Allemaal voorbeelden van verlies waar je misschien niet zo snel zelf aan denkt en waar ook niet zo veel aandacht voor is. In veel gevallen schieten mensen die te maken krijgen met verlies door verandering in de weerstand of worden ze mat en vlak. Deze weerstand wordt door o.a. leidinggevenden vaak opgevat als onwil of onvermogen. Toch is dit meestal niet het geval. Mensen hechten zich in hun leven niet alleen aan een partner of aan hun kinderen, ze hechten zich ook aan hun baan en de dingen die daarbij horen zoals zekerheid, toekomstperspectief, collega’s, het gevoel ergens bij te horen, persoonlijke ontwikkeling, de fysieke werkplek. Bij veranderingen is er tijd en aandacht nodig om hiervan te onthechten en weerstand en rouw is hier een onderdeel van. Het is goed om te weten dat mensen zich pas weer echt kunnen verbinden aan het nieuwe als ze het oude ook een plek hebben gegeven. Als dit niet voldoende gebeurt krijgen we te maken met onverwerkt verlies. Mensen met onverwerkt verlies blijven vaak gestrest en gaan daarnaast verlies stapelen. Oud verlies voedt dan nieuw verlies. Zo zie je bijvoorbeeld dat mensen die al meerdere reorganisaties hebben meegemaakt heftiger kunnen reageren. Zij ervaren op dat moment niet alleen het verlies van de huidige verandering maar ook van die daarvoor zijn geweest.

Om op een goede manier om te gaan met verlies hebben we het nodig om heen en weer te bewegen tussen verlies georiënteerd gedrag en herstel georiënteerd gedrag. Dus aandacht besteden aan je verlies en wat dat met je doet en daarnaast bezig zijn met verder gaan, je lever weer oppakken. In veel organisaties is voldoende aandacht voor herstel georiënteerd gedrag. Vooruit kijken, dankbaar (moeten) zijn dat jij nog werk hebt enz. Maar daarmee gaan we voor een deel voorbij aan het verlies wat mensen hebben geleden, ook als ze zelf hun baan hebben behouden. Wat kan het belangrijk en helend zijn als leidinggevenden, collega’s, vrienden oprechte belangstelling hebben voor jouw verhaal zonder dat er een advies of oordeel volgt, maar puur de ruimte geven om te vertellen hoe de verandering voor jou is (geweest). Het mooie is dat we hiervoor niet hoeven te wachten totdat het management hier aandacht aan gaat besteden. Iedereen kan hier nu al mee beginnen bij een collega, manager of vriend!

Februari 2016


Waar heb jij het druk mee?

Wanneer je aan iemand vraagt: Hoe is het met je? Dan krijg je regelmatig het antwoord: Nou ik heb het druk…

Heb jij het ook altijd druk? Het gevoel dat je geleefd wordt in plaats van dat jij leeft. Dat je bijna nooit een moment hebt waarbij je tot rust komt, je staat altijd aan. Je e-mail checken tijdens het ontbijt, als je al de tijd hebt om te ontbijten, haasten om op tijd op een afspraak te komen, achter de feiten aanrennen, onophoudelijk onderbroken worden, niet gedaan krijgen wat je wilde doen, dan haasten naar huis om de kinderen nog even in bed te werken eh leggen, mail checken, te weinig rust om een goed boek te lezen, te weinig zin om dan nog te gaan sporten, even een half uurtje Facebook bijlezen, een glas wijn, een biertje en dan naar bed en de volgende dag begint het weer opnieuw. Met als resultaat een gevoel tekort te schieten ten opzichte van je partner, kinderen, familie, je echte carrièredoelen, je gezondheid en je idealen.

We hebben vaak last van het druk hebben en mopperen dat we geleefd worden en zoveel moeten. Tegelijk heb ik de indruk dat het druk hebben op zich ook een soort status geeft, hip is. Als je het druk hebt, een volle agenda dan ben je blijkbaar populair, ben je succesvol in je werk. En als je het niet druk hebt dan doe je het blijkbaar niet goed, ben je niet succesvol of dan is je leven vast een beetje saai. Je schaamt je tegenwoordig bijna om te zeggen dat je het niet druk hebt.

En er is niets mis met een vol, actief leven, maar het gevoel continue gejaagd te zijn, dat is niet goed voor je. Deze manier van druk zijn, stress, heeft een negatieve invloed op onze psychische gezondheid, ons geluk en onze carrière. Doordat we druk zijn met allerlei verplichtingen besteden we steeds minder tijd aan die bezigheden die van waarde voor ons zijn. Omdat we het druk hebben zeggen we een etentje met vrienden af, zijn we niet bij een voorstelling of sportwedstrijd van de kinderen, is de tentoonstelling die je wilde zien al weer afgelopen en schuif je het familiebezoek voor je uit. Als we druk zijn hebben we de neiging vooral te schrappen in de bezigheden met een sociaal en ontspannend karakter. Op het moment dat we dan een half uurtje niets te doen hebben worden we onrustig en gaan we de rust snel invullen met bv. het checken van LinkedIn, of Whatsapp bijwerken. Deze contacten kunnen alleen niet tippen aan de contacten die we hebben afgezegd omdat we het te druk hadden. Social-media contacten kunnen echte contacten waarbij je verbondenheid ervaart niet vervangen en kunnen leiden tot emotionele verarming.

Misschien herken je deze druk(te) bij jezelf. Maar wat doe je er aan? Het is toch gewoon een feit dat we in een maatschappij leven waarbij we te maken hebben met een continue stroom van informatie en dat we steeds meer moeten presteren om bij te blijven? Ja dit klopt, we leven in een wereld van overvloed aan informatie en eisen. En juist door deze overvloed is het niet meer haalbaar om hierop te reageren met drukdrukdruk, nog meer je best doen, nog meer uren maken, want je ben gewoonweg niet meer in staat alles te doen. Om te beginnen kunnen we ons de vraag stellen, heb ik het druk met dingen die belangrijk voor mij zijn? Het is goed om na te denken over wat belangrijk, van waarde voor jezelf is. Wat zijn je doelen en dromen? Ontdek wat echt essentieel is voor je, zodat je tegen de rest nee kunt zeggen!

Een andere vraag die we onszelf zouden kunnen stellen is, hoe ga ik om met die drukte? Bedrijfspsycholoog Tony Crabbe beschrijft o.a. in zijn boek Busy: How to thrive in a world of too much dat je een keuze hebt met welke houding je alle eisen tegemoet treedt. Als voorbeeld geeft hij dat hij regelmatig ’s avonds aan zijn vrouw vraagt ‘Did you ‘process’ the kids, or did you have fun with them?”.

Ben je gefocust bezig, gun je jezelf om je volledig te concentreren op waar je op dat moment mee bezig bent? We zijn inmiddels gewend geraakt om te multi-tasken om alle drukte aan te kunnen. Het gevolg hiervan is dat we veel verschillende dingen doen, maar kwalitatief minder goed. We missen vaak focus en echte betrokkenheid. Pas bijvoorbeeld je ochtendroutine aan. Begin je dag niet met je mail lezen, maar ontbijt met aandacht. Begin op je werk met je moeilijkste, belangrijkste taak en check pas je mail/telefoon als je minstens een half uur of uur geconcentreerd aan die taak gewerkt hebt. Op deze manier kun je je aandacht volledig richten op waar je op dat moment mee bezig bent en hoeven je hersenen niet continu te switchen. We gaan weer single-tasken in plaats van multi-tasken! Je zult dus efficiënter gebruik maken van je tijd en ontstaat er mentale rust. Bouw ook tijd in om alleen te zijn en niets te doen. Dit zijn de momenten dat er ruimte in je hoofd ontstaat waardoor er ruimte komt voor creativiteit en nieuwe inzichten. Dit zal energie geven en daarnaast meer bijdragen aan je carrière dan maar proberen zo veel mogelijk te doen. Door de impact en relevantie van jouw plannen, ideeën, producten of diensten kun je je onderscheiden.

Wat antwoord jij als iemand je de volgende keer vraag hoe het met je is? Dru….uhh gefocust!

Oktober 2015


Worden managers overbodig?

Bevlogenheid is een fenomeen waar de laatste jaren steeds meer aandacht voor is. En dat is niet voor niets. Bevlogen werknemers zijn een schat voor een organisatie. Deze medewerkers zijn productiever, gelukkiger, halen betere resultaten, ervaren minder stress en zijn minder vaak ziek. Bevlogen medewerkers zijn belangrijk voor het succes van een bedrijf.

Maar hoe krijg je bevlogen medewerkers en wat is de invloed van managers hierop?

Bij traditioneel management gaat men er vanuit gaat dat de mens van nature lui is en dat je een wortel voor moet houden om iemand in beweging te krijgen. Een manager heeft dan de rol om die wortel uit te kiezen en aan een hengel voor zijn medewerkers te houden. Inmiddels weten we dat mensen wel degelijk bereid zijn om te werken als ze maar het gevoel hebben dat hun inspanningen gewaardeerd worden. Een theorie die hierbij aansluit is de zelfdeterminatie theorie. Deze theorie geeft aan dat mensen behoefte hebben aan een gevoel van autonomie, onderlinge verbondenheid en gevoel van bekwaamheid. Als er wordt voorzien in deze behoeften dan heeft dit een positief effect op bevlogenheid en geluk.

Organisaties met weinig traditionele managers laten duidelijk zien dat juist daar deze drie behoeften sterker vervuld worden. Er is minder directe aansturing waardoor medewerkers onderling moeten overleggen en de gang van zaken moeten bepalen. Zij gaan zich dus autonomer gedragen. Dit vervuld de behoefte aan autonomie, het gevoel dat gedrag zelf bepaald is en niet van bovenaf is opgelegd. Daarnaast is de kans groter dat het gevoel van onderlinge verbondenheid sterker wordt ervaren, ze zijn immers met elkaar verantwoordelijk. In zo’n organisatie zie je dat het potentieel van medewerkers beter benut wordt. Medewerkers verdelen zelf taken en verantwoordelijkheden en doen dit vaak zo dat iedereen doet waar hij goed in is. Hierdoor wordt de behoefte aan gevoel van bekwaamheid vervuld. Niet alleen omdat mensen doen waar zij goed in zijn, maar ook omdat bij de verdeling van werk collega’s van elkaar benoemen waar men goed in is.

Zijn managers dan echt overbodig? Ik denk dat de tijd van de traditionele manager inderdaad voorbij is. Het aantal managers kan naar beneden en de manier van werken is in veel gevallen toe aan verandering. De organisatie zoals hierboven geschetst laat misschien wel juist zien wat het nut en de rol van een moderne manager is. Deze zorgt dat iedereen kan doen waar hij goed in is en wat hij leuk vindt om te doen! Het resultaat: bevlogen medewerkers!

(En waarschijnlijk is hetzelfde voor een coach te zeggen, een goede coach maakt zichzelf overbodig.)

Mei 2015


Grensbewaking

De vorige keer sprak ik over de noodzaak van het aangeven van je grenzen. Als je je grenzen niet aangeeft dan krijg je op een gegeven moment last van zuurstofgebrek. Maar voor velen van ons is het niet eenvoudig om grenzen aan te geven. Daarom geef ik je een aantal tips die je hierbij kunnen helpen.

Tip 1: Maak afspraken met jezelf

Op het moment dat je een (hulp)vraag krijgt is het vaak moeilijk om te bepalen of je daarmee over je grenzen heen gaat. Daarom kan het helpen om algemene afspraken met jezelf te maken. Leer te luisteren naar wat jij nodig hebt. Bepaal bijvoorbeeld hoeveel tijd je voor jezelf nodig hebt om zonder zuurstofgebrek overeind te blijven. Hier is geen algemene richtlijn voor, iedereen heeft andere behoeften. Ik weet bijvoorbeeld dat ik het gemiddeld nodig heb om op een van de drie dagdelen per dag geen afspraken te maken. Maar het kan zo zijn dat voor jou bv. twee avonden per week voldoende is. Spreek met jezelf af dat je deze tijd ook voor jezelf neemt en houdt. Als je deze afspraak serieus neemt dan wordt het op het moment dat je je grens moet aangeven makkelijk om je niet over te laten halen. Begin je met oefenen dan is het verstandig om je in eerste instantie strikt aan je richtlijn te houden. Als je steeds makkelijker je grenzen aangeeft zonder schuldgevoel kun je hier iets flexibeler in worden.

Tip 2: Neem een time-out

Geef jezelf bedenktijd om te bepalen wat in die situatie goed voor je is. Zeg bijvoorbeeld: “Ik wil hier graag over nadenken” en geef aan wanneer je erop terugkomt. Op deze manier heb je tijd om een weloverwogen beslissing te nemen. Je nee of ja is daardoor meer overwogen en meer waard omdat je zelf bewust hebt gekozen.

Tip 3: Let op het woord EIGENLIJK

Let eens op of je in je reactie op een hulpvraag het woord EIGENLIJK gebruikt. Dit woord is vaak een signaal dat je niet luistert naar je eigen grenzen en behoeften. Je krijgt bijvoorbeeld de vraag “Zou jij me kunnen helpen met dat rapport?”. Een antwoord zou in dit geval kunnen zijn “Nou, eigenlijk heb ik zelf een belangrijke presentatie die ik voor wil bereiden, maar ik kan vast wel een momentje vinden om naar dat rapport te kijken.” Je durft niet duidelijk nee te zeggen en laat daarmee ruimte voor de ander. Dus merk je dat je het woord ‘eigenlijk’ gebruikt, dan is het eigenlijk tijd om je grenzen aan te gaan geven!

Dit is tegelijk een heel praktisch punt waarmee we elkaar kunnen helpen om grenzen aan te geven. Als jij iets van een ander vraagt en de ander gebruikt het woord ‘eigenlijk’ in zijn antwoord, kom de ander dan tegemoet en geef aan dat je het wel aan iemand anders zal vragen. Veel mensen vinden het lastig om grenzen aan te geven dus wat mooi als jij daar een ander bij kunt helpen zonder dat het jou energie kost!

Tip 4: Zeg wat je wél wilt!

Je grenzen aangeven is vaak zo moeilijk omdat je anderen niet wilt kwetsen of teleur wilt stellen. Vanuit deze angst zijn we vaak niet duidelijk in ons antwoorden en voor je het weet haalt de ander je toch over ‘ja’ te zeggen. Door te zeggen wat je wel wilt kan je duidelijk zijn zonder angst dat je de ander kwetst.

Stel je collega vraagt je om te helpen bij een opdracht maar jij ben net lekker bezig met een taak die aan het eind van de dag af moet zijn. Tegen je collega zeggen ‘Sorry, maar ik ga jou nu echt niet helpen’ is duidelijk maar ook een beetje bot. Daarnaast geef je alleen aan wat je niet wilt. Je kunt het ook op een andere manier brengen die voor jullie beide prettiger is: ‘Op dit moment ben ik bezig, maar morgenochtend kan ik je wel een uurtje helpen’. Je geeft nu aan wat je wel wilt en daarnaast baken je ook jouw hulp af door aan te geven dat je een uurtje kunt helpen.

Als een vriendin belt om gezellig een bakje koffie te komen drinken maar jij genoot net lekker van je tijd alleen en zit hier dus helemaal niet op te wachten zeg dan: ‘Een andere keer graag maar vanmiddag geniet ik van een middagje voor mezelf, ik ben nu liever even alleen.’ Het werkt echt, probeer het maar eens!

Tip 5: Ontdek welke overtuigingen achter jouw gedrag zitten

De vorige tips waren gericht op gedragsverandering en dit gedrag kan je zeker op weg helpen naar een gezonde zuurstofbalans. Om een diepere verandering te ondergaan is het daarnaast goed om te kijken waar jouw gedrag door bepaalt wordt. Welke overtuigingen spelen bij jou een rol waardoor het lastig voor je is om grenzen aan te geven en voor jezelf te kiezen? Overtuigingen komen meestal in de vorm van stellingen. Je kunt hierbij denken aan:

Het is niet eenvoudig om te ontdekken welke overtuigingen jij hebt omdat deze meestal onbewust zijn. Kom je er niet uit schakel dan een coach en/of psycholoog in.

Ga lekker aan de slag met deze tips en ik ben heel benieuwd wat het je gaat brengen!

Maart 2015


Vliegen binnen jouw grenzen

Als je gaat vliegen dan krijg je voor het opstijgen veiligheidsinstructies van een steward(ess) of tegenwoordig steeds vaker via een filmpje. Hierbij wordt verteld, dat je altijd eerst het zuurstofmasker bij jezelf op moet zetten en dan pas bij je kind.

Je vraag je nu misschien af wat dit voorbeeld met psychologie te maken heeft. Ik wil je eerst een vraag stellen, misschien dat je dan zelf een verband legt: kun jij je grenzen aangeven, nee zeggen tegen een hulpvraag, zonder je schuldig te voelen?

Het is het voor velen van ons moeilijk om grenzen aan te geven, nee te zeggen. Er hangt regelmatig een negatieve lading aan het grenzen aangeven en voor jezelf kiezen, alsof je de ander, de hulpvrager, persoonlijk afwijst. In onze samenleving wordt op (hulp)vragen veel minder vaak met nee geantwoord dan met ja. Hierdoor zijn wij niet goed in het inschatten van de gevolgen. We overschatten de negatieve gevolgen van het nee zeggen. We verwachten dat als je je grenzen aangeeft dit negatieve gevolgen heeft, terwijl in de praktijk deze gevolgen niet of minder aanwezig zijn. In ieder geval op een andere manier dan je van te voren had verwacht.

Als het gaat over je grenzen aangeven en voor jezelf kiezen dan is regelmatig de reactie: ‘maar ik wil niet egoïstisch worden hoor, het is toch ook goed om dingen voor anderen te doen en niet alleen met jezelf bezig te zijn?’ Veel mensen zijn opgevoed met het idee dat nee zeggen tegen mensen, zeker die mensen die het nodig hebben, egoïstisch is. Het is in principe niet verkeerd om er voor anderen te zijn, maar als dit ten koste gaat van jezelf dan krijg je vroeg of laat met de gevolgen te maken.

Nu nog even terug naar de veiligheidsinstructies in het vliegtuig. Dat je eerst voor jezelf moet zorgen en dan pas voor je kind voelt misschien, net zoals je eigen grenzen aangeven, ook wel onlogisch en egoïstisch. Toch is dit niet voor niets. Het is namelijk zo dat als jij te veel zuurstofgebrek krijgt je ook niet meer in staat bent om je kind te helpen. Met andere woorden, pas als je eerst goed voor jezelf zorgt ben je in staat om er goed voor anderen te zijn en ze te helpen.

Je grenzen aangeven is dus niet (alleen) nee zeggen tegen de ander, maar ja zeggen tegen jezelf en jouw behoeften om te voorkomen dat je zuurstofgebrek krijgt.

Steeds meer mensen lopen tegen de gevolgen aan van het niet goed voor zichzelf zorgen. Als je niet leert om je grenzen te herkennen en deze op een assertieve manier leert aan te geven, raak je langzaam leeg. Je gaat maar door, je ervaart steeds vaker het gevoel van falen, omdat je niet alle ballen in de lucht kunt houden. Als je niet op tijd aangeeft dat je grens bereikt is, raak je vermoeid en gespannen en helaas schieten sommigen zover door dat ze overspannen raken of een burn-out krijgen. Zuurstofgebrek.

Volgende keer zal ik ingaan op hoe je kunt leren en oefenen met het aangeven van je grenzen.

Februari 2015


Waardevol geluk

Eerder heb ik geschreven over de relatie tussen geluk en succes. Ik schreef over manieren waarop je je brein kunt trainen om positiever te worden omdat slechts 10% van je lange termijn geluk is af te leiden uit die externe wereld en 90% van je lange termijn geluk afhangt van hoe jouw brein die wereld verwerkt. Is het echt zo simpel dat, als we ons brein trainen om positief te zijn, we daar gelukkiger van worden? Ja, ik ben er van overtuigd dat dit veel effect heeft. Daarnaast zijn er zeker andere factoren die ook bijdragen aan geluk.

De laatste weken ben ik in hele verschillende situaties in aanraking gekomen met de vragen: Waar leef je voor, waar word je gelukkig van, waar geloof je in? Met andere woorden, wat maakt jouw leven waardevol? Dit is een moeilijke en grote levensvraag. Toch wil ik jullie uitdagen eens (opnieuw) na te denken over deze vragen omdat de antwoorden je handvatten kunnen geven om nog gelukkiger te worden. Vanuit mijn vakgebied richt ik mij nu specifiek op de waarde die jij aan je werk toeschrijft. Dus doe jij werk dat voor jou van waarde is, dat aansluit bij waar jij in gelooft?

Uit onderzoek van Amy Wrzesniewski blijkt dat mensen op verschillende manieren naar werk kijken. Er is een groep die ziet werk als gewoon werk en werkt om geld te verdienen. Een ander deel ziet zijn of haar baan als tussenstap om nog hogerop te komen, onderdeel van een carrière. Een derde groep ziet z’n werk als roeping. Deze mensen werken omdat ze het willen, het leuk vinden en er in geloven, de waarde van hun werk inzien. Dit zijn de mensen die werken vanuit hun geloof.

De waarde van je werk zit niet perse in wat je doet of hoe je het doet. Je haalt waarde uit waarom je iets doet of het aansluit bij wat voor jou belangrijk is in het leven. Daarom kunnen verschillende mensen die precies hetzelfde werk doen er totaal verschillende waarde aan toekennen. Stel jezelf de vraag of je gelooft in wat je doet, of je gelooft in waar jouw organisatie in gelooft. Als jij het gevoel hebt dat jouw werk van betekenis is en aansluit bij wat voor jou waardevol is, dan leidt dit namelijk tot bevlogenheid in je werk en een gevoel van tevredenheid en geluk.

De vraag stellen is nog niet zo moeilijk, maar hoe kom je achter je eigen antwoorden?

Ben Tiggelaar geeft in zijn boekje ‘Dit wordt jouw jaar’ een aantal tips.

Januari 2015


Word jij ook zo succesvol van geluk?

En… heb je echt gelezen wat er staat of zag je staan: Word jij ook zo gelukkig van succes? Eerlijk…?

We leven in een maatschappij waarin over het algemeen wordt gedacht: Als ik succesvol ben dan ben ik pas echt gelukkig. Wat succesvol dan is dat wordt bepaald door de externe wereld; hoe anderen succes definiëren, feiten, omstandigheden enz. Dit zou betekenen dat jouw geluksniveau wordt bepaald door externe factoren. Maar niets is minder waar, want slechts 10% van je lange termijn geluk is af te leiden uit die externe wereld. 90% van je lange termijn geluk hangt af van hoe jouw brein die wereld verwerkt. Hoe kijk jij zelf aan tegen succes en wat succesvol is? Wij hebben in onze op prestatie gerichte maatschappij geleerd om succes achter de cognitieve horizon te schuiven. Hiermee bedoel ik dat als je succesvol bent in je baan er altijd nog een betere baan is enz. Dus ons brein schuift de grens van wat succesvol is elke keer op. Maar als geluk aan de andere kant van succes staat dan komt ons brein daar dus nooit.

Wat als we deze formule nou eens omdraaien? Wat als geluk nou leidt tot succes? Dan gaan we pas zien waartoe ons brein in staat is. Want dopamine, dat je systeem binnenstroomt als je positief bent, heeft twee functies. Het maakt je niet alleen blijer, maar het activeert ook alle leergebieden in je hersenen waardoor je je beter kunt aanpassen aan de wereld. Als we positief zijn, werkt onze brein succesvoller omdat we harder, sneller en intelligenter kunnen werken. Uit wetenschappelijk onderzoek is gebleken dat een positief brein beter presteert dan een negatief, neutraal of gestresst brein. Je intelligentie stijgt, je creativiteit en je energiepeil stijgen. Je bent 31% productiever met een positief brein.

Hoe krijg je dan je brein positief? Ons brein is bij het scannen en interpreteren van de wereld om ons heen door bv. al het slechte, negatieve nieuws waar wij elke dag mee geconfronteerd worden, meer gefocust op negatieve dingen. Maar je kunt in een periode van 21 dagen door elke dag 2 minuten te besteden aan het positief herprogrammeren je brein optimistischer en succesvoller maken. Kies bv een van de volgende vormen:

In deze dagen leert je brein het patroon vast te houden van het scannen van de wereld voor allereerst de positieve dingen. Door deze dingen te doen en ons brein te trainen zoals we ons lichaam trainen, kunnen we de formule voor geluk en succes omdraaien. Niet alleen voor jezelf maar ook voor de mensen om je heen!

Wil je hier hulp bij? Neem gerust contact op.

December 2014